Eerst de opdracht, dan het typen
Wie eerst opschrijft wat hij precies wil hebben, is er sneller klaar mee.
Training & begeleiding
Hoeveel van uw week gaat op aan werk dat niemand mist: het voorbereiden, het opnieuw opstellen, het zoeken, het overtypen? Daar gaat deze dag over. Eén dag, uw eigen team, uw eigen werk. Voor teams in het mkb, in elke sector, en voor publieke organisaties.
Vraag een voorbeelddag aanVoor medewerkers
In de ochtend leert u hoe een AI-assistent werkt, hoe u hem een goede opdracht geeft en wat u er wel en niet in mag zetten. In de middag pakt u uw eigen taken aan. Ongeveer een vijfde van de dag is uitleg. De rest is demonstratie, oefenen en werken aan eigen werk.
Iedereen opent de AI-omgeving van de eigen organisatie en vult een kaartje in: drie taken die veel tijd kosten, hoe vaak u nu AI gebruikt, wat u verwacht en waar u zich zorgen over maakt.
Een taalmodel voorspelt telkens het volgende stukje tekst, op basis van heel veel gelezen tekst. Het kent geen feiten, het kent patronen. De trainer laat het zien op een herkenbare casus en laat bewust één fout staan. Daarna stelt u in tweetallen drie vragen aan de AI, waarvan één een instinker is.
Pauze
Een goed resultaat komt uit een gesprek, niet uit één perfecte vraag. U werkt uw eerste eigen taak uit met de opdrachtkaart: invullen, uitvoeren, twee keer aanscherpen, controleren. Daarna leest een collega uw resultaat en zoekt er één fout in.
Een sorteeroefening in drietallen: mag, alleen geanonimiseerd, nooit. De groep kiest eerst zelf, daarna komt het antwoord. Vervolgens anonimiseert u de input van uw volgende taak en probeert een collega er toch een persoon uit te herleiden. Anonimiseren verkleint het risico, maar neemt het niet weg. Wat in welke omgeving mag, bepaalt uw eigen organisatie.
Lunch
Er zijn drie manieren van werken: u vraagt iets en beoordeelt het antwoord, u legt een werkwijze vast die u steeds opnieuw gebruikt, of u laat een reeks stappen uitvoeren binnen grenzen die u zelf stelt. In tweetallen vult u voor één terugkerende taak in wat de AI mag doen, wat een mens moet doen, en wanneer het stopt.
De kern van de dag. Twee rondes van ongeveer vijfendertig minuten op uw eigen, geanonimiseerde taken. Tussendoor laten twee deelnemers hun resultaat zien: één dat lukte en één dat vastliep. Vastlopen is lesstof, geen falen.
Pauze
Elke deelnemer vertelt in één minuut welke taak hij vanaf maandag met AI doet en wat hij zelf controleert. Het team stelt vier afspraken vast: wat doen we wel, wat doen we niet, wie controleert, en bij wie meldt u twijfel. De leidinggevende leest ze voor en zegt of hij ze draagt.
Eerlijk over de grens: op de dag zelf bouwt u een assistent en een herbruikbare instructie. Het uitbesteden van een hele reeks stappen ontwerpt u op papier. Dat vraagt betrokkenheid van uw ICT-organisatie en een testomgeving, en dat past niet in een trainingsdag.
De opdrachtkaart
Veel teleurstelling met AI begint bij een vage opdracht. Deze kaart gebruikt u de hele dag, en daarna elke week. Wie eerst opschrijft wat hij precies wil hebben, is er sneller klaar mee.
Wat deelnemers kunnen
De doelen zijn zo geformuleerd dat u tijdens de dag kunt vaststellen of ze zijn gehaald. Niet "heeft kennisgemaakt met", maar "kan laten zien dat".
Een dagdeel van vier uur
Managers en bestuurders hoeven de AI niet zelf te leren bedienen. Zij moeten beslissingen kunnen nemen en verantwoorden. Daarom geen oefendag maar een besluitsessie, voor zes tot twaalf mensen: directie, management, teamleiders en de mensen die over privacy, beveiliging en inkoop gaan.
Wat gebeurt er in uw organisatie al, met en zonder toestemming? Welke licenties liggen er, en worden ze gebruikt? Waar zitten de zorgen? Een gesprek, geen presentatie.
Hoe een taalmodel werkt, waarom het soms iets verzint, en waarom dat een kwaliteitsvraag is en geen techniekvraag. Eén keer zelf zien dat het overtuigend fout gaat, doet meer dan drie dia's.
In groepjes brengt u uw eigen processen in kaart. Waar doet het pijn: wachten, zoeken, overtypen, fouten herstellen? Tijdwinst en kwaliteitswinst beoordeelt u apart. Een taak die niet sneller wordt maar wel beter, is vaak meer waard.
Pauze
U legt drie eigen voorbeelden op tafel en loopt ze langs. De kaders worden benoemd als iets waar u rekening mee houdt en aan werkt. Wij geven geen keurmerk of verklaring af.
Een AI operating model is geen systeem dat u koopt, maar een set afspraken die u maakt. Op één vel vult u in wie wat doet, waar de grens ligt, en hoe u weet of het werkt. Hieronder ziet u de zeven onderdelen.
Uit de kansenkaart kiest u er drie: herkenbaar voor veel mensen, binnen weken zichtbaar resultaat, beperkte schade als het misgaat, en een duidelijk punt waar een mens beslist. Daarna de vraag die de meeste plannen laat stranden: hoe vertelt u dit aan de mensen die het moeten doen?
Eén persoon kan meerdere rollen hebben. Een rol is een verantwoordelijkheid, geen nieuwe functie.
Uw eigen processen, met tijdwinst en kwaliteitswinst apart beoordeeld.
Per risico een maatregel en een eigenaar, en een lijst van wat u bewust niet doet.
Rollen, spelregels, kwaliteitseis, wat u vastlegt, wat u meet en wanneer u terugkijkt.
De eerste drie toepassingen, met een eigenaar en een datum waarop u kijkt of het werkt.
Wat u zegt over banen, wat u vraagt van leidinggevenden, en hoe sceptici gehoord worden.
Een oordeel dat uw organisatie ergens aan voldoet. Deze sessie levert besluiten en bouwstenen, geen verklaring.
De kaders liggen er voordat mensen beginnen. Geschikt als er nog niets geregeld is, of als u zich zorgen maakt over wat er nu al ongezien gebeurt.
U beslist op basis van echte voorbeelden uit uw eigen organisatie in plaats van op een aanname. Geschikt als er al gebruik is.
Meer uit uzelf halen
Daarom hangt de hele dag aan één vraag: welk deel van uw week gaat op aan werk dat sneller of beter kan? Hoeveel dat scheelt, verschilt per taak. Sommige taken worden vooral sneller, andere vooral beter.
Niet tien keer zo hard werken. De wrijving weghalen die uw week opeet.
Niet alles wordt sneller. Sommige taken worden in het begin zelfs langzamer, omdat u nu controleert wat u vroeger blind deed. Dat is winst, geen verlies.
Wie eerst opschrijft wat hij precies wil hebben, is er sneller klaar mee.
Het eerste antwoord is nooit het eindantwoord. Twee keer aanscherpen, dan controleren.
Een opdracht die goed werkte, slaat u op met een naam. Elke keer opnieuw uitleggen is verspilde tijd.
Beschrijven hoe u klinkt is goed. Laten zien hoe u klinkt, met uw eigen eerdere stukken, is beter.
Bij elke taak hoort één zin: dit ga ik zelf nakijken.
Niets gaat de deur uit zonder dat u het heeft gelezen. Uw naam eronder betekent dat u het heeft gezien.
De zevende: deel wat werkt met uw team. Een goede werkwijze die alleen u kent, is een halve werkwijze.
Begeleiding
Wat erna gebeurt, bepaalt of het blijft. Vijf vormen van begeleiding, los te kiezen en te combineren. Het doel is steeds hetzelfde: dat uw organisatie het zelf kan.
Iedereen brengt mee wat hij heeft gemaakt en wat er is misgegaan. Dat tweede is het waardevolst: het zijn de problemen die pas ontstaan bij echt gebruik.
Van losse opgeslagen opdrachten naar één gedeelde verzameling werkwijzen, elk met een naam, een eigenaar en een datum waarop iemand ernaar kijkt.
Twee tot vier mensen die het aanspreekpunt worden. Zij leren collega's op weg helpen en beoordelen of iets goed genoeg is. Daarna kunt u zonder externe hulp verder.
Rollen met namen erbij, spelregels die aansluiten op uw bestaande beleid, en de bouwstenen die uw privacyfunctionaris en informatiebeveiliger nodig hebben voor hun eigen beoordeling.
Eens per twee weken een half uur, op afstand. Wat is er gemaakt, wat loopt vast, en klopt het plan nog? Dat weet u liever na zes weken dan na een half jaar.
Het doel is dat uw organisatie het zelf kan. Wilt u daarna toch software op maat of een standaardpakket, dan kan dat, maar het hoeft niet.
Voorbereiding
De dag werkt het best met één team waarvan de mensen elkaars werk kennen, met de leidinggevende erbij. En vooral ook met de sceptische collega: die stelt de vragen waar de rest iets aan heeft.
In een intake van een half uur stemmen we de voorbeelden, de accenten in de ochtend en de praktijkrondes af op uw eigen werk.
Plan een intake